Hoofdfoto credit: Pegasus uitgeverij en boekhandel
Een ambitieuze poging om Rusland te begrijpen
Recent verscheen er een nieuwe anthologie met teksten uit de Russische filosofie, in Nederlandse vertaling. Het boek De Russische Idee werd op een goed bezochte symposium op 5 februari 2026 gepresenteerd. Hierbij haalde initiatiefnemer en vertaler van het boek Alla Peeters-Podgaevskaja een passage aan van Nikolaj Berdjajev uit diens werk Het Lot van Rusland. Teneur van deze passage was dat niemand Rusland daadwerkelijk kent. Hoewel ze toegeeft dat dit boek geen ultiem antwoord op die vraag geeft, wil het wel een kader bieden om Rusland te begrijpen.
Het boek is een bloemlezing van vertaalde Russische teksten waarin het centrale onderwerp de ‘Russische idee’ is. Hierover vertelde politiek filosoof Evert van der Zweerde van de Radboud Universiteit al heel boeiend op het symposium. In zijn voorwoord gaat hij verder in op de actualiteit van deze bundel en hoe we Russische filosofie in deze twee eeuwen van het Russische tsarenrijk via de Sovjet-Unie tot de Russische Federatie nu moeten begrijpen.
Tussen ‘Russische idee’ en bredere filosofische bloemlezing
De titel is bij nader inzien ietwat misleidend. Het boek is een filosofische anthologie in bredere zin. Slechts een deel van de teksten gaat expliciet over de “Russische idee”. Ook gaat het, filosofie-historisch gezien en volgens Evert van der Zweerde, niet om de “Russische Idee” zelf (als ’n soort ongrijpbare metafysische grootheid), maar om een obsessieve idee van een Russische idee. Ook al zijn er op het eerste gezicht geen verbindingen van deze “idee van een Russische idee” met het ideologische construct van de “Russische Wereld”, die actueel achter de voortdurende aanvallen op Oekraïne en de Oekraïners staat, was het gezien de huidige situatie beter geweest, om hierop in de historische schets kort in te gaan.
Keuzes en spanningen in de samenstelling van de bundel
Ik interviewde medevertaler en -samensteller Edgar Alberts na het symposium over zijn ervaringen met het vertalen en samenstellen van het boek. Edgar begon in 2019 met de studie filosofie aan de UvA. Tijdens zijn studie filosofie las hij ook veel Russische literatuur. Later begon hij met de studie Slavistiek – Russische taal en cultuur. Na een optreden met vertaalde aforismen van de filosoof Lev Sjestov werd hij door Alla gevraagd om Russische filosofen te vertalen naar het Nederlands voor deze bundel. Voor zijn master Redacteur en Editor aan de UvA, richting Internationaal Boekverkeer schrijft hij nu een scriptie over de receptiegeschiedenis van de Russische filosoof en schrijver Dmitri Merezjkovski.
Een belangrijke vraag over elke bundel teksten is natuurlijk waarom precies die teksten uitgekozen zijn. Alla had, volgens Edgar, al bepaalde ideeën over welke filosofen er in ieder geval in moesten. Op initiatief van Edgar werd de thematiek van de bundel uitgebreid van teksten die „de Russische idee” centraal stellen naar teksten uit andere filosofische domeinen.
De zes teksten in deel een “De Russische Idee” werden geselecteerd om enkele subthema’s te belichten. Hierbij wilden de samenstellers over elk thema tegengestelde meningen laten horen. Zoo discussiëren in de 19e eeuw Aleksej Chomjakov en Fjodor Dostojevski over de verhouding Rusland en Europa, later Vasili Rozanov en Nikolaj Berdjajev over de vrouwelijke kanten van Rusland en Ivan Iljin en Aleksandr Zinovjev over de verhouding Rusland en Sovjet-Unie. Ik vond de teksten eerder complementair dan tegengesteld over elk thema, en mooi verspreid in de tijd. Ook overwegingen van diversiteit in soort en lengte van een tekst waren belangrijk voor de selectie. Jammer genoeg staat in de korte inleiding bij elke tekst niet hoe aanzienlijk de doorgevoerde inkortingen soms zijn.
In het tweede deel worden zes verschillende filosofische domeinen geadresseerd: de esthetica door Nikolaj Tsjernysjevski, de sociale en politieke filosofie door Pjotr Kropotkin, de ethiek door Lev Tolstoj, het “kosmisme” door Nikolaj Fjodorov, de metafysica door Vladimir Solovjov, en de epistemologie en godsdienstfilosofie door Lev Sjestov. Edgar benadrukt – in ons gesprek, en in het voorwoord “Over dit Boek” – dat de selectie zeker niet uitputtend is en dat ook andere filosofen en domeinen met evenveel recht gekozen hadden kunnen worden.
Vertaling en toegankelijkheid: leesbaar maar niet zonder vragen
Dat er in dit voorwoord geen woord staat over de vertaalfilosofie die er achter de vertaling zit, is wel een gemiste kans. Edgar, die vaak de eerste vertaling deed, zegt dat hij in het begin meer als slavist dacht en later meer als filosoof: aanvankelijk was zijn devies: ‘Zo letterlijk als mogelijk en zo vrij als noodzakelijk,’ later draaide dit om tot ‘zo vrij als mogelijk en zo letterlijk als noodzakelijk.’ Er staat niets in het voorwoord over dat en waarom de populaire Nederlandse transcriptie werd gebruikt, of dat er gekozen is voor leesbaarheid. Dat leidt ertoe, dat ook technische filosofische termen niet toegelicht worden door bijvoorbeeld hun Russische equivalent tussen haakjes. Ook had juist in het voorwoord vermeld kunnen worden dat Rusland vanwege haar vermeende vrouwelijkheid (“Rossija” is in het Russisch grammaticalisch feminien, maar daar wordt wel betekenis aan verbonden, p. 16) aangeduid wordt met ‘zij’. Nu staat deze opmerking in de noten bij vrijwel elke tekst.
De tekst is zeker goed leesbaar te noemen, al komt het taalgebruik soms ietwat plechtstatig over (redekavelend op p. 33). Ook verbaasde ik me over het grote aantal neologismen, zoiets als “bloedtrots”, “hartenaanschouwing”, “Oostwesten” en dergelijke. Soms kon het gewoon makkelijker. Voor het woord “vroondienst” (p. 101) was herendienst voor de hand liggender.
Kritische kanttekeningen en gemiste perspectieven
Ik had persoonlijk verder graag teksten van andere filosofen in deze bundel teruggezien, bv. van Pjotr Tsjaädajev die de fragmentatiebom liet vallen, waardoor de Russische intelligentsia zich in slavofielen en westerlingen verdeelde. Of van Vissarion Belinski, de invloedrijke literatuurcriticus en estheticus, die zo belangrijk was voor de wereldfaam van Dostojevski en Gogol. Of van Aleksandr Herzen als geschiedfilosoof en westerling. Dezen komen gelukkig wel aan bod in de historische schets “Twee eeuwen Russische Idee”. Enigszins kort door de bocht is hierin trouwens de indeling van Tsjaädajev bij de westerlingen (p. 23). Eigenlijk komt er ook in deel I geen westerling pur sang voorkomt, terwijl er in deel II slechts twee westerlingen staan, Tsjernysjevski en Kropotkin. Ook is het vreemd om Fjodorov te scharen onder de term kosmisme,. Dat is beweging die pas na hem ontstond, maar die zich inderdaad wel liet inspireren door zijn denken.
Wat in deze historische schets ontbreekt is de vermelding van het feit dat het Russisch-orthodoxe geloof bij het merendeel van de filosofen in dit boek een grote rol speelde: behalve Tsjernysjevski en Kropotkin waren zij allen religieuze filosofen, die filosofeerden vanuit hun Russisch-orthodoxe geloof. Dit bepaalde vaak hun standpunt ten aanzien van het veelal katholieke en protestantse Europa, maar ook hun overtuiging dat Rusland haar eigen weg te gaan had.
De inleidingen op de verschillende denkers hadden iets langer mogen zijn en af en toe waren noten over de historische context welkom, die voor de Nederlandse lezer vaak onbekend is. Volgens Edgar is gekozen voor een introductie van maximaal 500 woorden per auteur en werden alleen namen en verwijzingen toegelicht die anders echt niet te begrijpen waren. Slechts sporadisch wijdde hij een noot aan een vertaalprobleem, zoals het woord ‘voorwerpelijk’ (предметно) bij Iljin en een waarschijnlijke zetfout in Solovjov’s originele tekst. Ten behoeve van de leesbaarheid nam hij soms ook zijn toevlucht tot parafraseren.
Veel van dit soort kritiek is echter diegene van een academisch Slavist en filosoof. Het is alleen maar toe te juichen dat er nu zo’n mooie diverse bundel over de Russische filosofie naar het Nederlands vertaald is, die hopelijk veel lezers zal stimuleren om wat nader in deze of gene Russische filosoof te duiken. Ook is de bundel door uitgever Pegasus prachtig vormgegeven, met het zwarte vierkant van Malevitsj op zijn punt en de woorden “De Russische Idee” in roze – met een knipoog naar de vermeende vrouwelijkheid van Rusland – tegen een achtergrond die juist niet het gebruikelijke rood is dat doorgaans met Rusland geassocieerd wordt.
Auteur
-
Bekijk BerichtenRedactielid 'Platform Oosters Christendom'. Daarnaast is Josephien 'geassocieerd onderzoeker' bij het IvOC, Slavist en filosoof. zij is gepromoveerd op de Sophiologie van de Russische religieuze filosoof, Sergej Boelgakov.







