In Nijmeegse universitaire kring, in de landelijke kerkelijke pers, op sociale media is er veel aandacht voor het plotselinge overlijden van Peter Nissen. Hij wordt herdacht als een begaafd docent, als veelzijdig wetenschapper die verschillende leerstoelen heeft bekleed, als pastor en bevlogen predikant. Minder bekend is dat Peter jarenlang ook een grote betrokkenheid heeft gehad bij het Instituut voor Oosters Christendom (IvOC) als secretaris van het IVOC bestuur en als lid van het dagelijks bestuur. In die hoedanigheid heb ik, als directeur, veel met hem te maken gehad.
Een bestuurslid moet in de eerste plaats een goed bestuurder zijn en waken over het goed reilen en zeilen van de universitaire instelling waarover hij is aangesteld, het bewaken van de wetenschappelijke kwaliteit, de uitstraling naar buiten en de supervisie van het vermogensbeheer. Peter was een uitstekende IVOC-bestuurder, maar veel meer dan dat, ook iemand die met hart en ziel, én kennis, de zaak van het oosters-christendom was toegedaan, het laatste is zeker niet evident. Als student aan de theologische faculteit van de Radbouduniversiteit, die toen nog eenvoudigweg Katholieke Universiteit Nijmegen heette, had hij de colleges gevolg van de Assumptionnist prof. Patrick van der Aalst, hoogleraar oosters christendom, die hem, zoals Peter mij vertelde, de ogen opende voor de pluriformiteit van de christelijke wereld. Vooral diens colleges over christologie, over het beeld van Christus in de oriëntaalse tradities, over de hellenisering van het christendom en Van der Aalsts oecumenische betrokkenheid hadden grote indruk op hem gemaakt. Hoewel Peter Nissen in de eerste plaats een wetenschapper was thuis in de geschiedenis (én actualiteit) van het westers christendom, was hij er zich volop van bewust dat de oosterse tradities daaraan complementair zijn en dat je als je over christendom spreekt je ook het Oosten daarin een plaats moet geven. Als hoogleraar en decaan van de theologische faculteit zag hij daarom de grote waarde in van een para-universitair als het IVOC, een troef voor de faculteit, een verdieping van het curriculum. En het zal niemand verwonderen dat Peter, met zijn sterke verworteling in de Benedictijns-monastieke traditie, grote waardering had voor de oosterse spirituele auteurs, voor de oosterse liturgieën, vooral de Byzantijnse traditie, en voor de geestelijke rijkdom van de iconen.
Goed thuis in de Nederlandse kerkelijke wereld, vooral die van de religieuzen, heeft hij er mede ervoor gezorgd dat het IVOC, naast andere para-universitaire instituten opgericht door religieuze ordes en congregaties, in de wereld van de KNR (Koepelorgansiatie Nederlandse Religieuzen), een gezicht bleef krijgen en gesteund werd, niet oppervlakkig alleen op projectbasis, maar als een instituut dat de oorspronkelijke religieuze intuïtie en oriëntatie op een nieuwe manier wilde verderzetten.
Peter, we zijn je dankbaar voor alles wat je voor ons instituut hebt betekend. In de Byzantijnse traditie zeggen we: Eeuwige gedachtenis, moge God je eeuwig in gedachten houden, je een plaats geven in Zijn Koninkrijk !
Auteur
-
emeritus hoogleraar oosters christendom, Radboud Universiteit Nijmegen en K.U Leuven. Specialist op het gebied van de huidige situatie van christenen in het Midden-Oosten. Redactielid 'Platform Oosters Christendom'
Bekijk Berichten







