Het Platform Oosters Christendom zet elke maand een icoon in het licht. De icoon van februari, ‘Het Laatste Oordeel’, past bij het begin van de Vastenperiode
De periode van het Grote Vasten wordt voorafgegaan door het Voorvasten. De derde zondag van het Voorvasten, die dit jaar op 15 februari valt, is de laatste dag voor Pasen dat er vlees gegeten wordt. De icoon die bij deze zondag hoort is die van het Laatste Oordeel. Niet een icoon die men dagelijks tegenkomt waarschijnlijk, maar in het Ikonenmuseum Kampen hangt een monumentaal Laatste Oordeel. Het is een icoon waar ik mij als conservator heel graag mee bezig houd, omdat het aan de ene kant afschrikwekkend is wat er te zien is, maar toch uitnodigt om er elke keer weer naar te kijken. Maar vooral ook omdat het een fascinerende mix is van theologie, persoonlijke devotie en volkscultuur.

Cultuur en politiek
Iconografieën kennen vaak een lange receptiegeschiedenis; in de loop der eeuwen veranderen theologische ideeën over een bepaald thema die hun weerslag hebben in de afbeeldingen. Maar ook culturele en politieke invloeden zijn zichtbaar op iconen. De icoon van het Laatste Oordeel is in dat opzicht interessant omdat er vooral toevoegingen te zien zijn en er een interessante mix is ontstaan van Nieuwtestamentische teksten, kerkvaders, volkslegenden en politieke ideeën. Het belangrijkste thema op het Laatste Oordeel is de verlossing van de mensheid, waarbij tijdens de tweede wederkomst van Christus door het rechtvaardige oordeel van God de goede mensen van de zondaars worden gescheiden. Oorspronkelijk hing de icoon op de westwand van de kerk. Wanneer gelovigen de kerk uitliepen, werden ze aan dat Laatste Oordeel herinnerd en aangespoord om het goede te doen in de wereld.
De eerste afbeeldingen van het Laatste Oordeel stammen uit de 3e eeuw. Door de kerstening van de Russen in de 10e eeuw werd het thema geïntroduceerd in Rusland. De iconografie heeft in de loop der eeuwen een grote ontwikkeling doorgemaakt. Aanvankelijk waren de schilderingen beperkt tot enkele beelden uit het Oude en Nieuwe Testament. Tot aan de 17e eeuw zijn er steeds elementen uit zowel de christelijke als de volkstraditie toegevoegd, zoals bijvoorbeeld de psychopompos, de zielenweger en de slang, die oorspronkelijk uit de Egyptische en Griekse mythologie komen.
Eerst geschapenen
In het bovenste gedeelte zie je de traditionele afbeelding van het Laatste Oordeel: Christus die het oordeel uitspreekt, geflankeerd door Maria en Johannes en de apostelen. Achter de apostelen staan engelen. Adam en Eva knielen aan de voeten van Christus. Op iconen van de Anastasis worden Adam en Eva als eersten uit het rijk van de dood verlost. Nu zijn zij als ‘eerst geschapenen’ ook de eersten die verantwoording moeten afleggen voor hun daden en staan zij symbool voor de gehele mensheid.

Van beide kanten komen er mensen op de troon af. Vanaf de rechterkant (voor de kijker links) is dat een grote stoet rechtvaardigen. Zij zijn degenen die na het oordeel de hemel mogen binnentreden. Aan de andere kant komt een grote groep ongelovigen voor Christus. Ze worden aangevoerd door Mozes en worden ook wel als de ‘verstoten naties’ aangeduid. Mozes behoort uiteraard niet tot de groep zondaars, maar hij wijst de groepen op Christus. De ongelovigen zijn ingedeeld in een aantal groepen, die de ‘vijanden’ van het christendom representeren.
Schriftgeleerden en Farizeërs zijn op vrijwel alle iconen van het Laatste Oordeel te vinden. Dat is deels uit te leggen vanuit het Bijbelse perspectief dat Christus als joodse man is geboren, maar dat de meesten in zijn omgeving hem niet als verlosser wilden aanvaarden en hem hebben laten kruisigen (zie bijv. Joh. 1:10-13).
Het ontkennen van Christus
Het beeld past echter ook in een traditie van antisemitische denkbeelden die vanaf de Middeleeuwen in het christendom hun opgang maakte. Mozes maakt een dubbele beweging, hij stapt uit de groep joden en spreekt ze toe terwijl hij naar Christus wijst. Dit is een Byzantijnse interpretatie van de tekst uit Johannes 5:45, waarin Jezus de joden in de tempel toespreekt omdat zij tegen hem optraden vanwege het feit dat hij op de sabbat een man genas:
‘U moet niet denken dat ik u bij de Vader zal aanklagen; Mozes, op wie u uw hoop hebt gevestigd, klaagt u aan. Als u Mozes zou geloven, zou u ook mij geloven, hij heeft immers over mij geschreven.’
Volgens een tekst uit Het leven van Basilius de Nieuwe proberen de Schriftgeleerden uit te leggen waarom ze Christus ontkenden. Dat was volgens hen de enige manier om vast te kunnen houden aan de Tien Geboden. Mozes wijst hen dan op de tekst uit Deuteronomium 18:15 die in de orthodoxe theologie wordt beschouwd als voorverwijzing naar Christus:
‘Hij zal in uw midden profeten laten opstaan, profeten zoals ik. Naar hen moet u luisteren.’
Bovenaan de icoon van het Laatste Oordeel is de Nieuwtestamentische Triniteit afgebeeld. Christus Pantokrator zit naast God de Vader en houdt een boek vast. De duif als symbool voor de Heilige Geest, zweeft tussen hen in.

De Triniteit vertegenwoordigt het begin van alle gebeurtenissen rondom het Laatste Oordeel. Christus krijgt van God de Vader (rechts op de icoon te zien) de opdracht om terug te keren naar de aarde, om daar het oordeel te vellen, zoals ook in de geloofsbelijdenis van Nicea wordt beleden:
‘Hij zal wederkomen in heerlijkheid om te oordelen levenden en doden en aan zijn rijk komt geen einde.’
Wanneer het Laatste Oordeel plaatsvindt, moeten de overledenen voor Christus komen om hun oordeel te ontvangen. Op iconen van het Laatste Oordeel, zeker ook op deze, wordt deze reis vaak heel beeldend weergegeven.
Vier wereldrijken
Geopolitieke overtuigingen spelen ook een rol in de iconografie van het Laatste Oordeel. Zo zijn rechtsonder de groep veroordeelden vier cirkels met afbeeldingen van dieren te zien. Deze dieren worden beschreven in het Bijbelboek Daniël. In hoofdstuk 7 beschrijft hij een droom die hij kreeg in het eerste jaar van koning Belsassar van Babylonië:
’Ik had een nachtelijk visioen waarin ik zag hoe de vier winden van de hemel de grote zee in beroering brachten. Vier grote dieren rezen op uit de zee, elk met een andere gestalte.’
Deze dieren zijn gekoppeld aan de vier wereldrijken uit de tijd van Daniël (2e eeuw voor Christus): het Perzische rijk (de beer), het Babylonische rijk (de leeuw), het Macedonische ofwel het Griekse rijk (de panter) en het Romeinse Rijk (het rund met de tien horens). De verbinding tussen de dieren en de rijken is overigens pas later ontstaan, in de 3e eeuw, toen Hippolytus van Rome deze vergelijking maakte. Het Romeinse Rijk was, volgens deze vroegchristelijke schrijver, het rijk van de Antichrist. Bijzonder, hoe een staaltje vroegchristelijke politiek in de 19e eeuw nog steeds zichtbaar is op een icoon.
Anti-triniteit
Aan de beide zijkanten van de icoon is een mooie, symmetrisch gecomponeerde beweging te zien. Links de beweging naar boven, van de mensen die in de hemel worden opgenomen. Rechts gaat een van de aartsengelen de laatste strijd aan met de gevallen engelen. Zij worden in het vuur gegooid.

Daar wacht een bijzonder drietal op hen. Beëlzebub of Satan zit op de rug van de Hades, het dodenrijk, dat verbeeld wordt door een wild dier. Hij heeft een kleine figuur op schoot. Dit soort kleine witte figuren op iconen representeren de ziel van iemand, in dit geval is het de ziel van Judas.
Deze combinatie van de Hades, Satan en Judas wordt ook wel de anti-triniteit genoemd. Mogelijk is een Slavische volkslegende een inspiratiebron. Volgens die legende pleegde Judas weliswaar zelfmoord na zijn verraad aan Christus, maar niet omdat hij geplaagd werd door schuld en berouw. Hij wilde in het dodenrijk zijn op het moment dat Christus de dood zou overwinnen in de hoop toch op die manier gered te worden. Hij was te laat en mocht als eerste bewoner van de nieuwe hel op schoot van Satan zitten.
De slang der beproevingen
Tot slot een fascinerende figuur op de icoon en een latere toevoeging aan de iconografie van het Laatste Oordeel: de slang der beproevingen. De slang kruipt vanuit de hel naar boven, naar de hiel van Adam. De slang bestaat uit 24 tolhuisjes, elk tolhuisje wordt bewaakt door een duiveltje. Dit idee van de tolhuisjes grijpt terug naar een visioen van een leerling van Basilius. Dit zag hij: Theodora, een dienaar van Basilius, overleed. Tijdens haar reis door de hemel kwam zij langs verschillende tolhuisjes. Elk tolhuisje vertegenwoordigde een zonde. Theodora moest alle tolhuisjes passeren om verlossing te bereiken.

Dit idee van de tolhuisjes werd veralgemeniseerd en kreeg een plaats op de icoon van het Laatste Oordeel. In de tekst van Basilius worden twintig zonden beschreven. Er zijn meerdere variaties wat betreft de aard van de zonden. De belangrijkste zonden als moord en overspel zijn op alle iconen terug te vinden, maar een aantal is ook cultuur- en plaatsgebonden. Zo zijn er iconen waarop alcoholinname wordt gezien als zonde, maar op andere zijn het juist de drankverkopers die het tolhuisje niet passeren.
De icoon is op dit moment te zien in de tentoonstelling:
Pronkjuwelen – hoogtepunten uit de collectie van 20 jaar Ikonenmuseum
in het Ikonenmuseum in Kampen.

Auteur
-
Curator/conservator van het Ikonenmuseum Kampen en directeur/conservator van Museum Helmantel in Westeremden. Ze studeerde theologie en religiewetenschappen aan de RuG en harp en muziektherapie aan het conservatorium van Enschede.
Bekijk Berichten






